Tentoonstelling Rozen van Redouté

Metrosyderos glauca

Redouté, Metrosyderos glauca

In het Teylers Museum in Haarlem heb ik vorige week de tentoonstelling ‘Rozen van Redouté’ bezocht.
De Franse tekenaar/schilder en plantkundige Pierre-Joseph Redouté (1759-1840) maakte zeer gedetailleerde tekeningen van planten in de tijd dat er een botanische rage heerste en veel ‘nieuwe’ en exotische planten naar Europa werden gehaald.

Zijn tekeningen waren van uitzonderlijke kwaliteit en Redouté kreeg opdrachten van o.a. koningin Marie-Antoinette en Joséphine Bonaparte. De tekeningen zijn van wetenschappelijk belang, de specifieke kenmerken van de plant, de bloeiwijze, de aanhechting en vorm van de bladeren, de zaad- knop- en eventueel vruchtvorming werden allemaal zeer gedetailleerd getekend op perkament in grafiet, waterverf en dekverf.

De meer exotische planten hebben vaak een gouden kader die op een aantal plaatsen doorbroken wordt door stengels en bladeren, waardoor de tekening minder statisch wordt en als het ware uit de tekening naar voren komt. Prachtig is de tekening van de lampenpoetser (Metrosyderos glauca), de tegenstelling van de houtige stengel met leerachtige grijsblauwe bladeren en de speciale bloei van deze plant met ontelbaar veel meeldraden en helmknoppen is zo mooi getekend dat je bijna kan voelen hoe zacht en wollig hij aanvoelt.

Er hangen ook wat kleinere tekeningen van o.a. paddestoelen, een tekening van een klein blauw paddestoeltje in verschillende groeistadia die Redouté zelf in een van de kassen van Josephine in Malmaison bij een exotische plant had ontdekt blijft mij vooral bij om zijn aandoenlijkheid en oog voor detail.

Teylers Museum in Haarlem, ‘Rozen van Redouté’ t/m 5 mei 2013

Advertisements

Cobaea scandens

cobaea-paars

Paarse Cobaea, knoppen en bloemen.

Elk jaar zaai ik in huis wat eenjarigen, een van de klimplanten die ik nooit oversla is de Cobaea scandens (Klokwinde), het liefst de paarse maar de witte is ook prachtig.

Ik begin heel vroeg met het zaaien van de Cobaea, meestal midden februari want deze plant heeft een hele lange aanlooptijd nodig en dan nóg lukt het lang niet altijd om hem in bloei te krijgen. Als het niet een langere tijd warm is in de zomer kan hij óf helemaal geen bloemen krijgen of pas laat in september-oktober. Heel erg is dit overigens ook weer niet want ook al zijn de bloemen, die van groenig-wit binnen een paar dagen naar paars verkleuren, prachtig, als bladplant is de Cobaea ook de moeite waard. De stengels, de krullende hechtranken en de blaadjes zijn vaak mooi purperrood gekleurd zeker later in het seizoen.

16 feb. Ik zaai de grote ronde, platte zaden verticaal in zaai- en stekgrond in een opkweekbakje en zet ze op kamertemperatuur ± 19-20 graden in de vensterbank en besproei ze zo nu en dan om de aarde een beetje vochtig te houden. Het kan 2-3 weken duren voordat ze ontkiemen, als na de kiemblaadjes de eerste ‘echte’ rankende blaadjes tevoorschijn komen verspeen ik de plantjes en zet ze in een grotere pot met alvast een stok erbij. De planten kunnen pas naar buiten als het warm is en er geen kans meer op vorst is.

cobaea-alba

Afgevallen witte Cobaeabloem

Als de plant aanslaat dan is de groeikracht enorm, 3 meter kan hij in een seizoen gemakkelijk halen en groeit maar door tot het echt flink gaat vriezen. Als het wél zover komt dat hij gaat bloeien, dan verschijnen er grappige stervormige knoppen, deze worden langzaam boller tot er prachtige klokvormige, in eerste instantie groenig-witte, forse bloemen tevoorschijn komen met lange elegante meeldraden. In de loop van enkele dagen verkleurd de bloem van de paarse variant langzaam naar donkerpaars en valt dan in z’n geheel met meeldraden en al naar beneden.

Afgelopen jaar begonnen mijn planten van de Cobaea pas in oktober knoppen te vormen, toen het echt koud werd heb ik een stengel met knoppen afgeknipt en binnen in een vaasje gezet, een aantal knoppen zijn nog mooi opengegaan, dit kan overigens ook heel goed met stengels van de Ipomoea- en O.I. kers.

Vorige herfst heb ik bij kwekerij ‘de Hessenhof‘ in Ede een klein plantje van de Cobaea Pringlei gekocht, een nog verfijnder ogende variant van deze klokwinde, maar ondanks zijn fragielere aanblik zou deze iets meer winterhard zijn dan de scandens, die ik nog nooit buiten heb overgehouden. De plant sterft boven de grond af en hopelijk loopt hij deze lente weer uit.

Deze Cobaea bloeit met sierlijke crème-witte klokken.